Soesterbergsestraatweg

Op de prachtige Soldatendag van mijn broer ben ik nu weer in de Soester duinen en wel op het bospad van meester Jager. Dat pad leidt naar het Soester Natuurbad. En om maar eens meteen hoogst origineel uit de hoek te komen: de tijden zijn veranderd. Ja, want zit ik knap vijfenzestig jaar geleden keurig bij meester Jager keurig achterop zijn Solex. Beide benen uiteraard heel braaf in de grijze canvasachtige fietstassen om naar zwemles te gaan, waar ik op een sombere ochtend bijna verdrink.

En nu rijd ik op hetzelfde pad voor de verandering maar eens op een wildvreemde scootmobiel. Best wel moeilijk. Het ding heeft namelijk niet eens een schildpad en een haas voor het regelen van de snelheid op het dashboard. Maar alles went. Want onderweg roep ik nog tegen de bomen dat ze mooi groot zijn geworden, maar hooghartig zeggen ze niets terug. Ach, en dan weet ik het weer: bomen in de buurt converseren enkel en alleen met prinsessen. Maar wat maakt het eigenlijk uit. Ik doe het allemaal voor mijn broer.

Wat ik trouwens verzuim is om een beroep te doen op mijn creativiteit, zoals in de uitnodiging voor de Soldaten wordt gevraagd. Die creativiteit moet immers worden aangewend om een spel met een felgekleurde schijf te spelen. Niets voor mij in die vreemde scootmobiel zonder schildpad en haas. Ik weet het, er zijn rolstoelers en meneren en mevrouwen op kunstbenen die werkelijk alles doen en kunnen op sport- en spelgebied. Ik laat het. Voor je het weet gebeuren er ongelukken. Daarbij gaan we dadelijk alweer eten in de Soester Duinen.

Ik neem in het fraaie restaurant even de tijd om naar wat genen te speuren. Oke, mijn oudste zoon heeft wel iets van vader, vooral qua voorhoofd. Alleen hij moet zich wel even goed scheren, ja want vader had alleen een baard wanneer 'ie voor Sinterklaas speelde. En de zoon van Lotte heeft wel iets van mijn overleden broer Heinz, in sommige bewegingen dan, maar daar moet je wel weer door je oogharen heen kijken.

Naast me zit mijn neef Bertje. Ach, ik heb er wel meer maar die zijn Made in Germany en naar verluidt allemaal 'wirtschaft wonderen' geworden. Met hen kun je niet eens praten over toen voor het eerst een Volkswagen, eentje met nog een brilletje, voor onze deur stopt. Bertje zit nog in de kattenbak van de grauw groene kever van oom Bert, die onder het scheren ook nog kan zingen.

Nu is mijn neef een vermaard architect, die overal huizen bouwt als kastelen. Zijn specialiteit is om sterrenrestaurants te ontwerpen. Maar nu komt het: een van zijn relaties woont, geloof het of niet, op de Oranjelaan en heeft iets te maken met moeders grafsteen. En die steen, ontworpen door mijn broer, staat wat scheef. Hoe dat kan? Ach, misschien is moeder ook wat enthousiast geworden toen ze van die Soldatendag van mijn broer hoorde.

Boudewijn Paans.